Het woonzorgcentrum “De Groene Linde” staat voor grote veranderingen. Het oude gebouw, dat dateert van 1978, voldoet niet meer aan de hedendaagse normen. Omdat een totale renovatie niet werkbaar bleek, werd er gekozen voor een nieuwbouw.
Het nieuwe gebouw, in de vorm van een vlinder, zal achter het dienstencentrum “De Boomgaard” komen. De woongelegenheden en de voorzieningen in het dienstencentrum blijven behouden. Ook het deel van het oude gebouw waar de hoogspanningscabine en de technische lokalen in ondergebracht zijn zal worden behouden. De ingang van het dienstencentrum wordt de hoofdingang van “De Groene Linde”, van waar een doorgang je naar het achterliggende gebouw brengt.
Een gebouw in de vorm van een vlinder is niet voor de hand liggend, maar heeft wel enkele voordelen. Door de vier eenheden wordt een aangename sfeer gecreëerd en vergroot het samenlevingsgevoel. Korte gangen vermijden het “ziekenhuiseffect” dat bij lange rechte gangen ontstaat en laten toe ontmoetingsruimtes te voorzien op elke verdieping. De speciale vorm zorgt er ook voor dat elke kamer een hoekraam heeft, voor maximale lichtinval.
Een bijkomend voordeel is dat de brandweer bij noodgevallen een eenheid gemakkelijk kan afsluiten.
Er wordt niet gekozen voor een verhoging van het aantal bedden, maar voor grotere kamers en betere leefbaarheid. Elke kamer zal minimum 25 m² groot zijn, met plaats voor een salonnetje en ook met een comfortabele badkamer. Het rustoord zal 111 bedden tellen in plaats van 109 nu, er komen namelijk 2 bedden voor kortverblijf bij, waar veel vraag naar is.
De architect, Philippe Samyn heeft rekening gehouden met de opmerkingen van zowel het personeel als de bewoners. Zo zullen de badkamers uitgerust worden met mobiele panelen, om het werk van de verplegers en verzorgers te vergemakkelijken. Ook het dierenpark zal blijven, maar wordt verplaatst. Dat was voor de bewoners een belangrijk punt.
Het milieu verdient ook aandacht: daarom worden de muren en het dak goed geïsoleerd en gebeurt de koeling met regenwater.
De totale kostprijs wordt geschat op 13 miljoen euro, waarvan 6 miljoen euro gesubsidieerd wordt door de Vlaamse regering. De overige 7 miljoen euro betaalt de gemeente. De start van de werken hangt af van het akkoord van de Vlaamse gemeenschap mbt de subsidiëring. Hopelijk kunnen de werken starten in 2012 en dit zou ongeveer 2 jaar duren.